LUISTERT GOD NAAR U?

LUISTERT GOD NAAR U?

 

clip_image002

Wanneer wij nadenken over het bidden, dan denken wij aan de tijd waar velen voor het eerst hierover hoorden. De meerderheid in ons land leerde op de katholieke scholen voor het eerst bidden. Men leerde allerlei voorgeschreven gebeden welke wij nergens in de Bijbel terugvinden, met uitzondering van het “Onze Vader” door Jezus als voorbeeld gegeven. God zoekt aanbidders in geest en waarheid! (Joh.4:23)

clip_image004clip_image006

Er werd veel repetitief gebeden, soms nog met de “Paternoster” in de hand, en niet meer nadenkend. Met een aanbidden van Maria, wat niet christelijk is. Bidden kan geknield of met opgeheven handen. Bidden met gevouwen of anders, is ontstaan, daar men de afgoden diende te aanbidden, in dezelfde houding, zoals de beelden werden gemaakt. Jezus, gaf zijn discipelen tips om te bidden:

6 Maar gij, wanneer gij bidt, ga in uw binnenkamer, sluit uw deur en bid tot uw Vader in het verborgene; en uw Vader, die in het verborgene ziet, zal het u vergelden.7 En gebruikt bij uw bidden geen omhaal van woorden, zoals de heidenen; want zij menen door hun veelheid van woorden verhoord te zullen worden.Matth.6

 

De mensen hielden ervan ten tijde van Jezus om openlijk in de tempel of synagoge te bidden. Sommigen maakten er een show van, met langdurige gebeden. Hij leert hier ook te bidden, privé, thuis, uw Vader ziet het toch. Herhalend bidden was een heidens aanroepen tot de afgoden zoals de Baalpriesters.

clip_image008

26 Toen namen zij de stier die hij hun gaf, bereidden

hem, riepen van de morgen tot de middag de naam van de Baal aan en zeiden: Baal, antwoord

ons! maar er kwam geen geluid en niemand gaf antwoord. Daarbij hinkten zij om het altaar dat zij gemaakt hadden.1 Kon.18

 

De Baalpriesters baden op die wijze van ’s morgens vroeg tot de middag, daarna zagen ze dat er geen verhoor kwam, en begonnen ritueel te dansen rond hun altaar. Ze kregen geen verhoring. Verloren tijd, een voorbeeld van onverhoorde gebeden, en een verkeerde godsdienst. Elia kreeg meteen een heel duidelijke verhoring.

 

GEBEDEN KUNNEN GOD LATEN VERANDEREN VAN GEDACHTEN

 

7 En de Here zeide: Ik zal de mensen, die Ik geschapen

heb, van de aardbodem uitroeien, de mensen

zowel als het vee en het kruipend gedierte en het

gevogelte des hemels, want het berouwt Mij, dat

Ik hen gemaakt heb.Gen.6

 

Hier lezen wij dat God een besluit had genomen om alle leven van de aarde weg te nemen. De boosheid van de mensen werd te groot, precies als vandaag! Doch in vers 8 lezen wij al dat God plots was veranderd van gedachten, en Noach niet onder zijn toorn zou brengen.

clip_image010

Verandert dan God zo snel van gedachten? Kent God dan spijt en berouw over gemaakte fouten?(6) Kan God zondigen? NEEN! Waarom veranderde God van gedachten? God luistert naar mensen die bidden! Wij lezen hier niet dat Noach had gebeden.

Toch was er een gelovige man  die had gebeden en gesmeekt, en zijn gebed werd verhoord!

Henoch (84:5,6) bad: En nu God, Heer, en grote Koning, smeek en vraag ik U mijn gebed te willen verhoren om een nageslacht op aarde te laten en niet uit te roeien al het vlees van de mens en maken dat de aarde leeg wordt nagelaten, zodat het voor eeuwig teloor gaat”

God werd beïnvloed door dit nederig gebed van de profeet welke leefde voor Gods oordeel, de zondvloed, over de wereld kwam. Henoch kwam niet in het oordeel van de zondvloed, maar werd behouden, en stierf niet! Henoch kan best een beeld zijn van de Bijbelgetrouwe gemeente, welke plots zal worden opgenomen. Mensen als Henoch zullen opstaan ten leven, en komen niet in het laatste oordeel!

22 En Henoch wandelde met God, nadat hij Metuselach verwekt had, driehonderd jaar, en hij

verwekte zonen en dochteren. 23 Zo waren al de dagen van Henoch driehonderd

vijfenzestig jaar. 24 En Henoch wandelde met God, en hij was niet

meer, want God had hem opgenomen.Gen.5

ONVERHOORDE GEBEDEN

3 (Of,) gij bidt wel, maar gij ontvangt niet, doordat gij verkeerd bidt, om het in uw hartstochten door te brengen. 4 Overspeligen, weet gij niet, dat de vriendschap met de wereld vijandschap tegen God is? Wie dus een vriend der wereld wil zijn, wordt daadwerkelijk een vijand van God.

 

Je leeft met een hemels verlangen of met een werelds verlangen in je hart. (Matth.6,19,20) Enkel wedergeboren christenen hebben nog een hoopvolle toekomst.

19 Verzamelt u geen schatten op aarde, waar mot en

roest ze ontoonbaar maakt en waar dieven inbreken

en stelen;20 maar verzamelt u schatten in de hemel, waar noch

mot noch roest ze ontoonbaar maakt en waar

geen dieven inbreken of stelen. 21 Want, waar uw schat is, daar zal ook uw hart zijn.

 

Beiden samen, gaat niet. (Matth.6:24). Hier is sprake over een levenspatroon, rijk willen worden met vergankelijke rijkdom of rijk worden met onvergankelijke rijkdom. De apostel wijst erop dat bidden om wereldse welvaart, niet is naar de wil van God. Nog nooit zijn zoveel christenen afgevallen, dan in tijden van welvaart. Sommige christenen hebben geen verlangen meer naar de wederkomst van de Here, terwijl de Geest vandaag bidt:

20 Hij, die deze dingen getuigt, zegt: Ja, Ik kom spoedig.

Amen, kom, Here Jezus! Een betere vertaling: Ik kom plots!(Openbar.22)

Waarom kwijnt het verlangen langzaam weg, en komt er spot en afkeuring door sommige kerkleiders over de wederkomst in plaats van gebed?

EEN KLEIN BIJBELS BEKERINGSGEBED!

25 Mijn ziel kleeft aan het stof, maak mij levend naar

uw woord. Psalm 119

 

Zich bekeren is een veranderen van levenswijze. Van uit de natuur is de mens materialistisch, want hij komt voort uit materie.(Gen.3,19).

En zal terugkeren naar het stof. De psalmist bidt hier om verandering. Door de vloek sterft de mens. Doch zijn geest komt uit God. Het is begrijpelijk dat een mens ook verkeerde verlangens kent, want ze komen voort uit zijn aardse natuur. Die aardse verlangens weerspiegelen zich soms in onze gebeden, en God kan dit soort gebeden niet verhoren.

Waarom niet? God heeft een nieuw plan met de mens, de psalmist had dit begrepen, hij bad om verandering, want hij had begrepen dat zijn leven geen hoop meer had, hij zou terugkeren naar het stof. Dit vers is een bekeringsgebed, om niet verder onder die vloek te leven, ook niet na de dood.

Zo is iemand die gelovig bad om vergeving, en Gods Geest ontving, een nieuwe schepping. (Rom.8:19,20/ 2 Cor.5:17). Hij heeft nu twee naturen in hem. Een tijdelijke in zijn sterfelijk lichaam en een eeuwige, vandaar de opstanding, en de komende opname. Omwille van zijn oude natuur, kan hij zich nog bezondigen, daarom bidt hij telkens om vergeving. (Luk.11:4) Zo bad hij dan: maak mij levend! Zo komt een Bijbelgetrouw christen langzaam los van het materiele, en richt zich op het beloofde en geestelijke, te wonen bij God. Ook God verlangt om bij de mens te wonen.(Ps.140:14,Joh.14:2)

Een belofte van Jezus!

7 “Bidt en u zal gegeven worden; zoekt en gij zult vinden; klopt en u zal opengedaan worden. Want een ieder, die bidt, ontvangt, en wie zoekt, vindt, en wie klopt, hem zal opengedaan worden. Of welk mens onder u zal, als zijn zoon hem om brood vraagt, hem een steen geven?Matth.7

Het valt op dat er hier tot driemaal toe werd aangewezen te volharden, namelijk “vragen ”“zoeken” en “kloppen”. Het niet bidden lijkt dan wel zonde. Inderdaad, niet bidden kan zonde zijn. Ook de profeet Samuel dacht zo:

 

2 Want de Here zal zijn volk niet verstoten, om der wille van zijn grote naam. De Here heeft immers verkozen u tot zijn volk te maken. 23 Wat mij betreft, het zij verre van mij, dat ik tegen de Here zou zondigen door op te houden voor u te bidden; ik zal u de goede en rechte weg leren.1 Sam.12

 

Het gebed begint met een aanbidding, dankbetuiging, een belijden van zonde, (Ps.66,18) dan bidden wij voor onze noden en de noden van anderen. Ook de tollenaar, ging niet vooraan in de tempel om te bidden, maar bad en vroeg nederig om vergeving, en ging gerechtvaardigd naar huis. Hij werd verhoord, hij twijfelde niet dat zijn zonden waren vergeven! Wij bidden in de naam van Jezus, gericht aan onze Hemelse Vader.

Bij het bidden kunnen wij “zoeken”. Naar wat? Hier begrijpen wij een duidelijk zoeken naar Zijn wil in onze gebeden. (1 Joh.5,14)

 

21 Geliefden, als ons hart ons niet veroordeelt, hebben wij vrijmoedigheid tegenover God,

22 en ontvangen wij van Hem al wat wij bidden, daar wij zijn geboden bewaren en doen wat welgevallig is voor zijn aangezicht.1 Joh.3

 

Gods wil is een eenvoudige voorwaarde, dat wij Hem gehoor geven aan wat Hij van ons verlangt. Hij gaf ons raad en wetten om de mens te helpen gelukkig te leven. Die wetten zijn de Bijbelse richtlijnen. Jezus, schafte ze niet af, hij vervulde ze. God is genadig, maar schafte Zijn wet en raad niet af. Ieder gebed dat niet is in overeenstemming is met de Bijbel, is zuivere afgoderij.

9 Wie zijn oor afwendt van het horen der wet, diens

gebed zelfs is een gruwel.Spr.28

R.G.